Deze Kennisbank laat zien welk wetenschappelijk onderzoek er is gedaan naar de stoffen die we gebruiken. Let op: deze studies gaan over de losse stoffen of processen. Ze gaan niet over Promitogon3 als product. We doen daarom geen uitspraken over hoe Promitogon3 werkt bij specifieke klachten of aandoeningen.
A. Mitochondriale biogenese: onderzoek naar PQQ
Onderzoekers bestuderen PQQ in relatie tot PGC-1α en CREB. Dat zijn eiwitten die volgens de literatuur een hoofdrol spelen bij het maken van nieuwe mitochondriën. Onderzoek in cellen en bij dieren beschrijft effecten op de dichtheid van mitochondriën en op redoxstabiliteit. Een overzichtsstudie (Sun et al., 2026, Redox Biology) beschrijft een voorgesteld model waarin PQQ wordt gecombineerd met NMN/NR en Ergothioneïne — een stof die niet in Promitogon3 zit. Dit model is dus niet hetzelfde als de samenstelling van Promitogon3, maar de auteurs plaatsen PQQ wel in dezelfde categorie als stoffen die gericht zijn op NAD⁺.
Chowanadisai et al. (2010, Journal of Biological Chemistry) toonden in cel- en diermodellen aan dat PQQ via fosforylering van het CREB-eiwit de expressie van PGC-1a verhoogt, wat leidt tot meer en gezondere mitochondriën — een onafhankelijke route naast die van NMN.
Er is ook humaan onderzoek naar PQQ en NMN samen. Een gerandomiseerde, dubbelblinde, placebogecontroleerde studie (2025, Scientific Reports, n=60) onderzocht PQQ en NMN, los en in combinatie, bij mensen na uitputtende inspanning. PQQ afzonderlijk liet een significant effect zien op één deelmaat van herstel (interoceptief ‘body listening’); voor de combinatie van PQQ met NMN werd geen significant verschil met placebo gevonden op de hoofduitkomstmaat.
Let op: het mechanistische fundament (CREB/PGC-1a) is aangetoond in cellen en bij dieren — dat kun je niet zomaar vertalen naar mensen. Voor PQQ zelf bestaat wel een humane studie op één deelmaat; voor de combinatie met NMN is nog niet aangetoond dat die sterker werkt dan de stoffen los.
Let op: dit onderzoek is gedaan in cellen en bij dieren. Je kunt het niet zomaar vertalen naar mensen.
B. NAD⁺ en energiestofwisseling: onderzoek naar NMN en trans-resveratrol
Onderzoekers bestuderen NMN als bouwsteen (precursor) voor NAD⁺. NAD⁺ is een stof die honderden processen in het lichaam ondersteunt. Een gerandomiseerde, placebogecontroleerde studie bij prediabetische, postmenopauzale vrouwen met overgewicht, gepubliceerd in Science (Yoshino et al., 2021), vond dat NMN-suppletie de insulinegevoeligheid in de spieren verbeterde. Let op: dit onderzoek ging over deze specifieke groep vrouwen en mat insulinegevoeligheid als uitkomst — niet energiestofwisseling in algemene zin.
Dit onderzoek staat niet op zichzelf. Mills et al. (2016, Cell Metabolism) lieten in een langetermijn muisstudie (12 maanden dagelijkse suppletie) zien dat NMN de NAD+-niveaus in spier, lever en hersenen herstelde, met verbeteringen in mitochondriale ademhaling, insulinegevoeligheid en spierkracht — zonder tekenen van toxiciteit bij langdurig gebruik.
Een recente systematische review (Gallagher & Owoturo, 2026, Ageing Research Reviews) analyseerde 113 studies naar NAD+-suppletie, waarvan 33 bij mensen. De conclusie: orale NMN- en NR-suppletie verhoogt consistent de NAD+-gerelateerde metabolieten in het bloed, zonder gemelde bijwerkingen over deze brede set studies.
Onderzoekers bestuderen Trans-resveratrol in relatie tot SIRT1. Dat is een sirtuïne die betrokken is bij de regulatie van mitochondriën. Lagouge et al. (2006, Cell) toonden in een muisstudie aan dat resveratrol SIRT1 activeert en het eiwit PGC-1a deacetyleert, wat leidde tot een toename van de mitochondriale dichtheid en een sterk verbeterde oxidatieve capaciteit in spierweefsel. Bij mensen onderzochten Timmers et al. (2011, Cell Metabolism) het effect van 30 dagen resveratrolsuppletie (150 mg/dag) bij mensen met obesitas, en zagen dat de ademhalingscapaciteit van de mitochondriën in spierweefsel verbeterde. De auteurs wijzen erop dat resveratrol zijn effect op SIRT1 vooral indirect uitoefent, en dat het effect op zichzelf, los van de andere stoffen in de formule, bescheiden is.
Let op: deze studies gaan over losse stoffen. Wat voor een losse stof geldt, geldt niet automatisch voor de gecombineerde formule.
C. De ademhalingsketen: onderzoek naar ubiquinol
Ubiquinol is de actieve vorm van co-enzym Q10 (CoQ10). Dit molecuul speelt een hoofdrol in de ademhalingsketen: het draagt energie efficiënt over. Daarnaast werkt het als antioxidant, in mitochondriën, in andere celonderdelen en in het bloed (Gutiérrez-Mariscal et al., 2021, Antioxidants). Onderzoekers bestuderen hoe de actieve vorm (Ubiquinol) zich verhoudt tot de andere vorm (Ubiquinon), qua opname en werking in het lichaam.
Crane (2001, Journal of the American College of Nutrition) beschrijft in een veelgeciteerde overzichtsstudie hoe CoQ10 onmisbaar is als elektronendrager tussen de complexen I, II en III van de ademhalingsketen, en hoe de gereduceerde vorm — ubiquinol — tegelijk fungeert als antioxidant in celmembranen. Het sterkste klinische bewijs voor ubiquinol komt uit onderzoek bij mensen met chronisch hartfalen: de Q-SYMBIO-studie (Mortensen et al., 2014, JACC Heart Failure) en de daarop voortbouwende, recente klinische synthese (Kumble & Frishman, 2026, Cardiology in Review) laten zien dat CoQ10/ubiquinolsuppletie bij deze patiënten samenhangt met verbeterde functionele capaciteit en ejectiefractie, en met minder cardiovasculaire gebeurtenissen.
Let op: dit is onderzoek naar de losse stof CoQ10/Ubiquinol, niet naar Promitogon3 als product.
D. Taurine en de mitochondriale ademhalingsketen
Onderzoekers bestuderen taurine in relatie tot de opbouw van mitochondriaal tRNA. Dat proces is nodig om onderdelen van de ademhalingsketen goed te maken (Jong et al., 2021, Molecules). Ook bestuderen ze Taurine in relatie tot het verminderen van oxidatieve stress in mitochondriën, en tot de regulatie van Calcium in de cel (Schaffer & Kim, 2018, Biomolecules & Therapeutics).
Let op: veel van dit onderzoek is gedaan in cellen en bij dieren. Onderzoek bij mensen staat nog in de kinderschoenen.
Volledige referentiebibliotheek
Bij het ontwikkelen van de formule stelde Biopromit een database samen van peer-reviewed publicaties. Deze gaan over PQQ, NMN, Trans-resveratrol, Ubiquinol, Taurine en de onderliggende mechanismen in mitochondriën. Je kunt deze database opvragen via klantenservice@promitogon3.com.
Zie ook: Onze Ingrediënten, voor samenstelling en dosering.
Deze pagina bevat uitsluitend wetenschappelijke achtergrondinformatie.
Promitogon3 is een voedingssupplement. Een voedingssupplement vervangt geen gezonde, gevarieerde voeding en geen gezonde leefstijl. Het product is niet bedoeld om ziekten te behandelen, te voorkomen of te genezen. Heb je gezondheidsklachten? Ga dan altijd naar een arts.
